Twee jongens kijken fanatiek naar hun beeldscherm. Vanuit hun eigen slaapkamer spelen ze een shooter game tegen elkaar. De een steekt op een gegeven moment zijn vuist in de lucht om de overwinning te vieren. De andere baalt als een stekker van het verlies. Vol frustratie voert hij vervolgens een DDoS aanval uit. Zijn cyberaanval legt vervolgens winkels, grote bedrijven en ziekenhuizen plat. Niet veel later ziet hij door de gordijnen de zwaailichten van een politieauto oplichten. De boodschap: ‘DDOS-aanvallen zijn illegaal en hebben consequenties. Kies het juiste pad’.
Het is een scene uit een van de twee video’s die wereldwijd zijn gelanceerd om te voorkomen dat jongeren online de verkeerde afslag nemen naar cybercriminaliteit. Van Finland tot Brazilië en van Hongarije tot Australië worden jongeren op deze manier gewaarschuwd. ‘Dit gebeurt online veel te weinig’, zegt projectleider Maurice van der Stoel. Hij is interventiespecialist bij de Cyber Offender Prevention Squad van de Eenheid Landelijke Opsporing en Interventies. ‘Offline wordt bij jongeren continu een norm gesteld. Als een kind iemand duwt, krijgt diegene te horen dat het niet mag en dat er een straf volgt als het nog een keer gebeurt. In de online wereld vindt dit zelden plaats, dus weten jongeren niet wat de norm is en al helemaal niet wat de consequenties zijn.’
Minder cyberaanvallen
De drempel is dus erg laag om het verkeerde pad op te gaan. Van der Stoel: ‘Op Google kun je eenvoudig vinden wat ervoor nodig is om een DDOS-aanval uit te voeren. Het is onze taak als politie om jongeren niet alleen te waarschuwen voor de gevolgen als ze slachtoffer worden van cybercrime, maar ook als ze zelf de dader zijn. Deze preventiecampagne moet zorgen voor minder cyberaanvallen door jongeren.’
In het Verenigd Koninkrijk hebben ze daar ervaring mee. Na een vergelijkbare advertentiecampagne in 2018 deed de Universiteit van Cambridge onderzoek naar het effect daarvan. De uitkomst: er was een correlatie tussen de preventieve video voor jongeren en het dalende aantal DDOS-aanvallen in Engeland. ‘Ook wij voeren een wetenschappelijke data-analyse uit’, aldus Van der Stoel. ‘Daarbij kijken we niet alleen naar het effect in de landen die meedoen, maar ook naar de cijfers in landen die niet bij dit initiatief zijn aangesloten.’
InterCOP
Omdat cybercrime geen landsgrenzen kent, heeft de Nederlandse politie InterCOP, het International Cyber Offender Prevention Network, opgericht, dat inmiddels 44 leden telt. Binnen het netwerk zijn zo veel mogelijk andere landen benaderd om mee te doen. ‘We hebben gebruikgemaakt van AI om het project schaalbaar te maken. De video’s zijn gemaakt met behulp van kunstmatige intelligentie. De basis is Engels, maar in elk land worden de video’s in hun eigen taal afgespeeld. Op die manier kunnen we de interventie veel breder en effectiever inzetten.’ De campagne wordt medegefinancierd door de Europese Unie.
Naast de preventieve boodschap voor jongeren heeft de campagne nog een ander doel. Van der Stoel: ‘Big tech-bedrijven hebben de verantwoordelijkheid om hun platforms te screenen op illegale content. Het is nu veel te gemakkelijk om informatie te vinden over hoe je cybercriminaliteit kunt plegen. Die barrière moet veel hoger worden. We willen nogmaals in gesprek met bedrijven zoals Google om dergelijke informatie te verwijderen. In onze strijd tegen cybercrime hebben we hen hard nodig, net als gemeentes, scholen, ouders, opa’s en oma’s, noem maar op. Alleen samen kunnen we onze jongeren beschermen.’

11.1 ℃



























































